Alsof het weer lente is!

Het is spannend als ik ga fietsen de laatste tijd. Mijn achterband loopt namelijk langzaam leeg. Ergens zit een piepklein gaatje en we kunnen het niet vinden. Voor nu vind ik het wel wat hebben. Het geeft een fietstochtje wat extra’s mee. Kom ik op tijd of later thuis, en hoe?

Zondag was het prachtig weer. Echt fietsweer. Vooral ook, omdat mijn man met de auto weg was, en ik de laatste tijd op zulke dagen graag wat verder ga dan de Tungelroyse beek. De beek ligt op loopafstand van ons huis, maar aan beide zijden van het water lopen koeien, en hoewel het zou moeten kunnen.. ik wandel er dan toch veel minder graag.

Op naar Keversbroek dus. Met de fiets zo’n vijf minuutjes verder dan de beek, schat ik. Een poesje kwam me halverwege tegemoet wandelen, maar toen ze me zag hield ze even halt, om daarna om te draaien. Jammer. Ik vond het zo’n schattig ding. Het zag ernaar uit dat ze op avontuur wilde. Tot ze mij zag. Ze vond bescherming achter een houten hek, vanwaar ze me nieuwsgierig gade sloeg.

Wat een ding hè! Ik denk dat ze, zodra ik uit het zicht was, weer dapper de wijde wereld in gestapt is.

Treinspoor over, bocht om, bos in. De zon scheen lekker en ik begon het zelfs warm te krijgen. Misschien dat ik mijn jasje dadelijk toch maar om mijn middel moest binden. Bij een pad, tussen twee weides door, stap ik altijd af om goed om me heen te kunnen kijken. Daar vliegen veel icarusblauwtjes en kleine vuurvlinders. Deze keer zag ik geen blauwtjes, maar de vuurvlindertjes waren wel weer van de partij.

Kleine vuurvlinder
Kleine vuurvlinder

Opeens zag ik een wat groter vuurvlindertje. Ik vond het vreemd en liep ernaar toe. Het zat op het pad en toen ik dichterbij kwam, zag ik dat de tekening anders was. ‘Een kleine parelmoervlinder! Uh? Nu nog?!’

Kleine parelmoervlinder
Kleine parelmoervlinder

Het is nog wel hun vliegtijd, maar ik had het gewoon niet meer verwacht er nog eentje te zien. Gaaf vond ik het! Te gek! Nog een kleine parelmoervlinder zo laat in het seizoen!

Het beestje vloog op en ik rende er achteraan. Ik had wel al een foto genomen, maar ik was bang dat deze nog niet zo goed gelukt was. Dus ik ging in de achtervolging. Alsof het één van de eerste lentedagen was en ik weer vol enthousiasme kiekjes wilde maken van de allereerste vlinders. De oranjetipjes zijn dan ook altijd zo beweeglijk. Méters maak ik voor ze! Maar deze kleine parelmoer vloog al gauw het prikkeldraad over een wei in. Jammer.

Ik pakte mijn fiets aan de hand en liep verder. Boven mijn hoofd zaten twee heidelibellen elkaar achterna. Dappere beestjes zijn het. Die vliegen ook nog zo laat in het seizoen.

Heidelibel
Heidelibel

Voorbij de weides stapte ik weer op om een stukje te fietsen. Het zag nog altijd droog in het gebied. Geen paddenstoel te bekennen. Aan het eind van het pad sloeg ik rechtsaf onder de elektriciteitsmasten door. Wat een lawaai maken die dingen toch. Een gek zoemend geluid. Links van me naderde ik weer een wei en ik zag het al vanaf een afstandje. Heel veel oranje vlindertjes!

Niet te geloven! Geen kleine vuurvlinders, maar tien, vijftien kleine parelmoervlinders! Wauw!! Jeetje wat geweldig, wat hebben die in Keversbroek een goed jaar zeg! Super!
Ze bleven allemaal laag bij de grond en nauwelijks stil zitten. Ik had de gele bloeiende bloemen even verderop toen nog niet gezien. Met verbaasde blik heb ik daar een tijdje staan kijken. Zoveel kleine parelmoertjes. Schitterend!

Toen mijn oog eenmaal viel op één van de nog weinig bloeiende bloemen… : zó genieten. Daar verzamelden zich de vlinders uit de buurt. Ze dronken er, vlogen een rondje en kwamen terug. Met momenten zaten er wel vijf kleine parelmoervlinders en tig kleine vuurvlinders, een machtig gezicht.

Ik heb er een heel tijdje staan kijken en bedacht me toen, dat ik ook een filmpje kon proberen te maken. Dat viel nog tegen. Zoveel fladderende vleugels druk om elkaar heen bewegend. Dus besloot ik me te richten op één van de mooierds.

Prachtig hè!

Opeens moest ik weer denken aan mijn fietsband. Hoe lang was ik al weg?
Ik liep heel gauw naar mijn fiets en duwde met mijn duim op het rubber. Dat moest nog lukken.
Hup, hup! Laat de vlindertjes nu maar weer met rust.. hup naar huis!

Advertenties

Ongelooflijk! De keizersmantel in mijn ‘achtertuin’!

Niet dat het koud was. Maar het was ook niet echt geweldig weer. Bewolkt, en het keek alsof het ieder moment kon gaan regenen. Toch had ik echt zin om er even uit te gaan. Mijn gisteravond geplakte band van de fiets testen. Want wat was ik daar blij mee! Die fiets brengt me net iets verder buiten het dorp dan ik te voet kan komen, en ik baalde er toch wel van dat de achterband er tijdelijk geen zin meer in leek te hebben.

Mijn weer app gaf aan dat het droog zou blijven, en hoe langer ik naar buiten keek, hoe meer ik dacht dat het zonnetje zich af en toe voorzichtig probeerde te laten zien. Ik besloot te gaan. Lekker. Even eruit en totaal zonder verwachtingen, want zonder de zon zouden de vlinders zeker niet massaal rondvliegen. Ik was heel nieuwsgierig naar wat ik zou gaan zien.

Op weg richting het natuurgebiedje net buiten het dorp, zag ik op plekken in de berm waar ik normaal al vlinders zie, helemaal niets bewegen. Ik zei mijn gedachten stil te zijn. Thuis was ik nog benieuwd naar wat ik zou gaan zien, zonder verwachtingen, en op de fiets waren die verwachtingen toch gestegen. Nu ik niets zag, vond ik dat ik stil moest zijn. Niet nu al er vanuit gaan dat ik toch niets zou zien. Wat is dat nou voor een storende gedachte!

Eenmaal tussen de weiden en de bomen leek ik in een totaal andere wereld te zijn. Hoe gewèldig is dat toch. Ik vergat dat het bewolkt was, dat het kwik de twintig graden vast nog niet eens haalde. Ik stond weer middenin de natuur.

Groot dikkopje
Parende phegeavlinders

Rups van de sint-jacobsvlinder

Bramenstruiken zijn geliefd bij veel insecten, en toen ik een tijdje naar snoepende phegeavlinders had staan kijken, zag ik opeens aan de achterkant van de struik iets oranjes zitten.
‘Uh? De kleine parelmoervlinder?
Nee, dat was niet zo. De tekening was heel anders!
Het zal toch niet? Zou het de keizersmantel zijn? Hier?’

Ik wist het niet zeker, maar ik vond de vlinder sowieso zo mooi, dat ik tussen de takken en bladeren door geprobeerd heb foto’s te maken. Ik kon onmogelijk aan de achterkant van de struik komen. Iets waar ik op dat moment wel echt van baalde, want door het bewolkte weer bleef de vlinder rustig op zijn plekje zitten. Ik had er prachtige foto’s van kunnen maken als ik dichterbij had kunnen komen.
Die kleine teleurstelling was ik thuis alweer heel snel vergeten. Via twitter kwam ik erachter dat die mooie vlinder inderdaad de keizersmantel was. Yihaa!!! Wat vind ik het bijzonder deze prachtige vlinder gewoon in mijn ‘achtertuin’ gezien te hebben!

Keizersmantel

Je zou misschien denken dat het hierna niet meer beter kon.
Dat is ook zo 😉
De keizersmantel was natuurlijk de topper van mijn rondje fietsen.
Maar ik zag ook nog een eikenpage!
En die had ik op deze plek ook nog nooit gezien!
En ik zag mijn eerste koevinkje dit seizoen.
Hoe geweldig is dat, dat ik zo dichtbij huis zoveel verschillende soorten vlinders kan treffen. Ik ben er echt dankbaar voor.

Eikenpage
Koevinkje
Koevinkje

 

Ei-afzettend boomblauwtje in de tuin!

Ik had ze nog niet gezien, en daar was ik me ook bewust van. Bij iedere wandeling en ieder fietstochtje lette ik toch extra op. Bij plekken waar ik ze voorgaande jaren zag, stopte ik even. Maar nee, geen boomblauwtjes. Dat kan hè. De natuur fotograferen blijft, voor mij althans, toch een beetje op het juiste moment, op de juiste plek zijn. Ik ga immers zelden tot nooit bewust op zoek naar een soort.

Ik sprong dan ook super enthousiast uit mijn stoel, toen ik heel toevallig even naar buiten keek en iets kleins en blauws de tuin in zag vliegen. In mijn weg door de kamer en de keuken heen, griste ik nog gauw mijn camera mee. Buiten aangekomen vloog het vlindertje nog steeds onrustig rond een conifeer en de rode bloemen van een petunia.

Gelukkig ging ze heel af en toe ook even zitten, en kon ik haar mooi op de foto zetten.

Ik hield mijn adem in, toen ze voor mijn lens eitjes ging afzetten. Wauw! Hoe mooi is dat dan? Nog nooit had ik het van zo dichtbij gezien. En ik had al helemaal nog nooit een vlindereitje gezien! Prachtig! Ik vond het echt prachtig! Ik denk omdat ik het zo’n wondertje vind. Hoe vernuftig is de natuur toch. Zo’n heel piepklein dingetje herbergt toch een prachtig nieuw leven.

Ei-afzettend boomblauwtje
Eitje

Het boomblauwtje bleef ook daarna nog een poosje in onze tuin.
En zette nog meer eitjes af.
Ik had een geweldige zondag.
Ik heb er zo ontzettend van genoten.

De kleine parelmoervlinder!

Het was eigenlijk niet de bedoeling er nog op uit te gaan. We waren een groot deel van de dag in het Catharina ziekenhuis in Eindhoven. Na de chemokuren van een aantal jaren geleden wil de weerstand van mijn man niet meer zo meewerken. Om de 4 weken ligt hij nu een paar uur aan het infuus voor immunoglobuline. Dit pept zijn weerstand zodanig op, dat hij er weer even tegenaan kan.

We gaan graag naar dit ziekenhuis. Na zoveel jaar kennen ze ons daar, en we vinden er altijd gezelligheid. Toch is zo’n dag natuurlijk zwaar. Je wordt doodmoe van het niets doen. Dus nee.. het was niet echt de bedoeling er nog op uit te gaan. Maar! Ik had op twitter gelezen en gezien dat de vlinderdip voorbij was. En jeetje mina.. het kriebelde ook. Zou het echt zo zijn? Zouden de groot dikkopjes inmiddels ook in Keversbroek vliegen? Zou het er druk zijn?

Ik vond geen rust. En dat is ook niets. Dus ik besloot ondanks mijn vermoeidheid toch even op de fiets te stappen. Het rustig aan te doen, niet te lang te gaan, gewoon even kijken…

Ik was er nog niet of ik zag al een mooie gehakkelde aurelia op een bramenblad zitten. Verderop stapte ik van mijn fiets voor een mannetje platbuik en een mooie juffer. Ik dacht: ‘Wauw, bijna zeven uur in de avond en nog zoveel moois te zien. Wat goed, dat ik toch gegaan ben’.

Gehakkelde aurelia
Platbuik
Blauwe breedscheenjuffer

Keversbroek

Eenmaal in het natuurgebiedje achter ons dorp keek ik mijn ogen uit. Ik zag zoveel vlinders! Witjes, bont zandoogjes, een atalanta en distelvlinders. Ze waren allemaal nog heel druk. Verheugd was ik bij het zien van de pheageavlinder. ‘Ja! Die is er ook weer! Wat fijn dat ie het hier ook nog steeds goed doet.’

Pheageavlinder

Natuurlijk zat deze phegea heel mooi hoog is het gras, tot ik dichterbij kwam met mijn camera. Soms ben je er op tijd bij, soms te laat, en deze keer was eigenlijk te laat, maar leverde het toch een leuk plaatje op. Kijk mij verstoppertje spelen met een vlinder.

Ik stapte weer op mijn fiets. Hoe heerlijk om nog buiten te zijn. Zonnetje, 20 graden, in de avond.
Dáár! Daar zag ik ze! Kleine oranje vleugeltjes. Meerdere! Om elkaar heen cirkelend. Waren het dikkopjes? Snel zette ik mijn fiets weer in de berm en liep ik richting de kant van de zandweg, waar ik ze had gezien. Jaaaaa! Groot dikkopjes!

Groot dikkopje

Ik moet eerlijk bekennen, dat ik bij de eerste dikkopjes dacht dat het om het zwartsprietdikkopje ging. Geen vlekjes op de vleugels, althans.. ik zag ze niet. Maar thuis zag ik opeens de haakjes aan de sprietjes en begon ik de twijfelen. Gelukkig kan ik altijd even overleggen op twitter en al snel had ik duidelijkheid. Allemaal groot dikkopjes. De haakjes aan de sprietjes geven uitsluitsel. Jammer en ook weer niet. Want ze zijn mooi hè?! Álle dikkopjes!

Zoals altijd vlogen er in Keversbroek ook weer heel veel hooibeestjes.

Hooibeestje

Ze worden wel eens verward met de bruin zandoogjes, die ik inderdaad ook zag vliegen. Helaas bleef er niet eentje rustig zitten, maar dat komt nog wel een keer. De bruin zandoogjes zijn hier ook altijd zeer talrijk. Ik zag vanaf mijn fiets weer twee oranje vlindertjes en besloot nog een laatste keer af te stappen. Ik ging er helemaal vanuit dat het weer dikkopjes waren, maar toen ik dichterbij kwam kon ik mijn ogen niet geloven. De kleine parelmoervlinder!

Krijg nou wat! De kleine parelmoervlinder! Joehoe! Ik was super enthousiast en vergat rustig te blijven waardoor ze natuurlijk schrokken en opvlogen. In de vier, vijf jaar dat ik nu fotografeer heb ik ze nog maar één keer voor de lens gehad. Hun vleugels zijn prachtig. De buitenkant van de vleugels, met hun parelmoerachtige vlekjes, ook. Ik heb die helaas niet op de foto kunnen zetten. Ook deze vlindertjes waren ondanks de avonduren nog heel druk.

Ze zaten op en rond bramenstruiken waar ik ze natuurlijk niet overal evengoed kon benaderen. Ik heb er zeker een half uur over gedaan om een beetje een goede foto te maken. Steeds zaten ze te ver weg, was de foto onscherp, of vloog het beestje net weer weg en kon ik niets anders doen dan hopen en wachten tot ze weer terug bij de bramenstruiken kwamen.

Maar het is gelukt! Ik heb er eentje op de foto!
De kleine parelmoervlinder:

Kleine parelmoervlinder

Muggen, muggen en nog eens muggen. Maar ook het bont dikkopje!

Mei is warm dit jaar. Terwijl ik dit nu zit te schrijven, loopt het kwik buiten alweer op en zal vanmiddag ruim de 30 graden halen. Het lijkt hoog zomer, het is pas mei. Lente nog. Super enthousiast was ik, toen ik op 25 mei het plan vatte, om nu dan echt naar nationaal park De Groote Peel te gaan. Vandaag zou ik het niet bij enkel het plan laten. En eind mei, begin juni,.. dan vliegen in De Groote Peel de bont dikkopjes!

Ik was redelijk op tijd in de Peel, en zag dat de zon nog niet overal de dauwdruppels had doen oplossen. Geweldig mooi vind ik dat. Druppels op bloemen, bladeren, insecten. Op een plant als de vrouwenmantel blijven ze nog eens extra lang liggen.

Druppels op een blad van de vrouwenmantel

In het groen naast een houten vlonder aan het begin van de wandelroutes viel mijn oog op een rups. Ik kon er niet zomaar van alle kanten bij, dus moest het doen met het tegenlicht van de zon. Het geeft wellicht wat minder duidelijke beelden, het was wel prachtig om te zien.

Plakker

Vanuit mijn ooghoek zag ik een wandelaar naar me toe snellen. “Ben je een vlinder aan het fotograferen?”, vroeg hij zeer nieuwsgierig en zijn enthousiasme met moeite onderdrukkend. “Nee”, zei ik. “Een rups”.
“O”, klonk het teleurgesteld.
Om vervolgens met enthousiaste stem weer te vervolgen: “Maar ik zoek het bont dikkopje, heb jij er al een gezien?!”

De man bleek van ver te komen, speciaal voor dit specifieke vlindertje. Ik zag hem later nog eens. Naast een pad zocht hij de bramenstruiken blad voor blad af. Prachtig vind ik dat. Wat een enthousiasme, wat een interesse, wat een passie. Ik hoopte uiteraard ook het bont dikkopje tegen te komen. Ik hoopte dat het me gegeven was, want dat blad voor blad zoeken.. dat is niets voor mij. Daar ben ik dan net weer wat té ongeduldig voor.

Ik wandelde de man dus voorbij ondanks zijn verzoek met zijn tweetjes te zoeken. Tussen de bramenstruiken en de varens genoot ik van de vele juffertjes die zich al zwevend leken voort te bewegen.

Lantaarntje
Azuurwaterjuffer
Variabele waterjuffer

Foto’s maken was nog niet zo gemakkelijk.
Bij de vlonder was ik al lek geprikt door de vele muggen, ook hier rond het wandelpad zaten er weer .. héél véél!
Terwijl ik probeerde scherp te stellen hoorde ik ze zoemen rond mijn oren. Ik voelde hoe er meerdere landden op mijn vingers, er zat er zelfs één op mijn wenkbrauw!
Ik wilde dus zo snel mogelijk een foto maken, de krengen van me afslaan, en doorlopen.

Ik liep het pad af, keek af en toe nog eens om naar de zoekende man, tot ik hem niet meer zag. Ondertussen had ik nog geen bont dikkopje gezien, ook geen enkele andere vlinder. Ik begon me af te vragen of het misschien niet toch al wat te warm was. Juffers en libellen zaten er trouwens genoeg. Ontzettend genieten om die boven de vennen te zien jagen. Ik heb natuurlijk wel geprobeerd foto’s van de libellen te maken, maar helaas. Ze zaten niet lang genoeg stil, of zij zaten wel stil, maar schrokken van mijn bewegingen in een poging de muggen van me af te slaan.

Het bont dikkopje!

Juist daar, waar ik getwijfeld had: links of rechts. Dáár zag ik in het gras kleine bruine vleugeltjes. Zou het, zou het, zou het? Langzaam en voorzichtig stapte ik dichterbij en hoe dichterbij ik kwam, hoe groter mijn hoop werd. Ik dacht aan de zoekende man. Als dit een bont dikkopje was, dan was hij te ver weg om hem te waarschuwen. Hoe jammer was dat! Nog dichterbij en nog dichterbij en jaaaaaaaaa! Het was een bont dikkopje!

Bont dikkopje in het gras

Het was het waard om al die muggen te laten meegenieten.
Ik heb me later nog verbaasd over de zwermen rond mijn enkels.
Ik had mijn sokken over mijn broek getrokken, maar dat hield ze niet allemaal tegen.
Jeetje nog an toe.
Maar het zien van het prachtige bont dikkopje deed het me toch vergeten.

Icarusblauwtje

In tegenstelling tot het bont dikkopje zie ik het icarusblauwtje heel regelmatig. En toch is het iedere keer weer een dansje waard als ik dat hele mooie blauw zie. Dat blijft bijzonder, iedere keer weer. Ik zag er meerdere, later ook vrouwtjes. Ze cirkelden om elkaar heen. De ene keer heel gezellig, de andere keer – zoals op de laatste foto – liet het vrouwtje duidelijk merken er even geen zin in te hebben.

Icarusblauwtje

Vlak voordat ik weer bij de auto was, zag ik nóg een rups van de plakker. Hoe grappig! Alsof iets wist dat ik het tegenlicht zo jammer vond aan het begin van mijn wandeling, kreeg ik nu een tweede kans. Helemaal super! Kijk eens wat een prachtig beestje het is! Geweldig fijn om de wandeling in de Peel mee af te sluiten.

Plakker

 

Het beste van 2017: Vlinders, libellen en paddenstoelen

De donkere dagen voor kerst.

Ik trek er niet veel op uit, omdat het behalve donker, ook koud en vochtig is.
Gisteren ben ik even het Leudalbos ingelopen, en vandaag heb ik daar naar mijn zin teveel last van.
Mijn reuma en de kou en vochtigheid, gaan niet zo goed samen.

We maken het dus binnen gezellig.
De kerstboom is versierd en ik heb veel kaarsjes staan.
Ik ben dol op kaarsjes.
Ze staan voor mij voor wensen en hoop en warmte.
En ze doen me altijd denken aan mijn oma.
Die hield ook zo van kaarsjes en stak ze voor ons op als wij iets belangrijks hadden.

Nu ik niet zo veel foto’s kan maken, is het erg leuk om terug te kijken op het afgelopen jaar. Ik heb ontzettend genoten van de natuur. Ik ben nog altijd heel blij dat ik dat ontdekt heb. Dat ik een passie heb, die me bezighoudt. Behalve natuurlijk de vlinders en libellen, heb ik dit jaar ook een liefde gekregen voor paddenstoelen. Wat zitten daar machtig mooie exemplaren tussen.

Ik heb drie ‘filmpjes’ gemaakt, die een mooi overzicht geven van wat ik in 2017 zag.
Erg leuk om te doen, en erg leuk om op deze manier na te genieten.
Voor wie zin heeft: geniet met me mee! :

Het beste van 2017: Vlinders

Het beste van 2017: Libellen

Het beste van 2017: Paddenstoelen

‘Nee!! Het spiegeldikkopje!’

Moe ben ik vandaag.
Ik geef het weer maar weer eens de schuld.
Boven de 20 graden, maar bewolkt.
Het drukt, het drukt op mijn lijf.

Ik voel het ook tijdens het wandelen.
Mijn benen voelen zwaar, een lichte kramp in mijn linker voet, en ik kom maar langzaam vooruit.

Maar ik ben er!
Ik heb me tóch opgepakt, ik ben tóch aan het wandelen, en wie weet wat ik tegenkom.

Een veld doorkruisend, tussen de schapen door, zie ik verschillende mooie libellen.
Ik heb de puf niet ze ook naast het pad, wellicht hangend in de korenhalmen, te zoeken.
Ik geniet van wat ik zie en laat het foto’s maken zitten.

Pas als ik een koevinkje op een geel blad zie gaan zitten, kan ik het niet laten.
Wat een mooi gezicht!

4 - kopie

7 - kopie

Lelieven

Ik wandel langzaam verder en kom uiteindelijk uit bij ‘mijn’ lelieven.
Daar is altijd veel te zien, en als ik een oranje zandoogje zie opvliegen, voel ik een golf van energie door me heen stromen.
‘Een oranje zandoogje! Twee stippen op de vleugels!
Zie ik dat echt goed? Ja! Ik zie het goed. Twee stippen!
Yeah! Mijn eerste dit seizoen!’.

De foto’s van deze eerste blijken thuis mislukt.
Jammer.. maar ik zag ‘m later tijdens het wandelen nog een keer.. en daar kan ik wel een foto van plaatsen! 😉

24 - kopie

Terwijl ik om het ven heen loop, word ik steeds enthousiaster.
Er vliegen veel meer libellen dan de laatste keer dat ik er was.
Veel heidelibellen, gaaf!
Ze zijn wat kleiner van stuk en dus ook moeilijker te fotograferen.
Echt lang stil zitten willen ze ook al niet, en mijn vermoeidheid komt het foto’s maken ook niet zo ten goede.
Maar dan!
‘Kijk daar! Daar op de heide! Een heidelibel op de heide, hoe mooi wil je het hebben?!
Ze blijft stil zitten, Caroline! Ze zit stil!’

14 - kopie

Op een afstandje zag dat er zo uit:

11 - kopie

Ik vond het zo gaaf!

Nog helemaal in jubelstemming stap ik verder en geniet van nog meer oranje zandoogjes, bruin zandoogjes, koevinkjes, en een atalanta.

Spiegeldikkopje

Als ik heel even richting water loop, valt mijn oog opeens op iets kleins en oranjebruin.
Zo lijkt het althans vanaf grote afstand.
Hoe dichterbij ik kom, hoe meer ik mijn ogen niet kan geloven.
‘Nee!! Een spiegeldikkopje? Hier?
O wat gaaf! Het is ‘m echt! Het is een spiegeldikkopje!!
Ik hoef er niet eens voor naar de Peel! Ik hoef er niet voor naar het Weerterbos!
Yippieyayee!!! Een spiegeldikkopje, ‘gewoon’ hier bij ‘mijn’ lelieven!’

16 - kopie

17 - kopie

Dit is zo cool!
Ik kan mijn ogen niet van het beestje afhouden, ik ben zó verrast!
Dit is waarom ik wandelen en natuurfotografie zo ontzettend gaaf vind.
Je weet nooit, nooit, nóóit wat je tegenkomt en vaak is het zo, zo, zó ontzettend verrassend.

Als ik na een tijdje het beestje uit het oog verlies, loop ik verder en besluit nog even bij de kamperfoelie te kijken.
Echt. Weer geloofde ik mijn ogen niet!
Kijk zelf maar! Een kolibrievlinder! Zo gaaf!
Die had ik tot nu toe alleen nog maar in de tuin gezien!
Puur geluk, dat mijn camera nog op een blijkbaar heel goede stand stond.
Wat een shot!!

19 - kopie

20 - kopie

Ik ben er althans heel blij mee.
En ik ben nog steeds moe. Heel moe.
Maar tjonge, wat heb ik een goede zin! 🙂

 

 

Voor de warmte de dag weer zou vangen..

Het is al een paar dagen goed warm in Limburg. Volop zon en temperaturen tot ruim boven de dertig graden. Ook vandaag. Ik besloot te gaan wandelen nog voor de warmte de dag weer zou vangen, en stond rond 9.00 uur aan de rand van het Leudalbos. Heerlijk. Na drie meter tussen de struiken en onder de bomen hoorde ik mezelf als vanzelf wat dieper ademen. En uitademen. Loslaten, rust..

Ik liep naar de plek waar ik vorig jaar veel weidebeekjuffers had gezien en hoopte er daar deze ochtend ook weer wat te spotten. Het was rond de 19 graden. Nog best aangenaam voor vlinders en libellen dacht ik. Nog voor ik de eerste bocht van het smalle pad voorbij was, zag ik de eerste prachtig donkerblauwe libel tussen de lange grashalmen vandaan komen. Schitterend. Iedere keer opnieuw vind ik ze weer schitterend om te zien: weidebeekjuffers.

Weidebeekjuffer (man)
Weidebeekjuffer (vrouw)

Verder over het pad richting het bos genoot ik van verschillende kleuren juffertjes, veel lieveheersbeestjes, schorpioenvliegen, en hier en daar zag ik nachtvlinders opvliegen. Omdat het pad zo smal was en ik er niet vanaf wilde in verband met teken, heb ik er weinig foto’s gemaakt. Ook dit bont zandoogje zat te ver van het wandelpad om er een macrofoto van te maken, maar eigenlijk is een beeld van de vlinder in zijn omgeving ook heel mooi.

6 - kopie
Bont zandoogje

Twee ! spechten

Eenmaal in het bos viel het me op hoe druk de vogels nog waren. En nog helemaal in hun eigen doen. Althans, zo leek het. Alsof ze nog door niemand gestoord waren. Ik zag merels, roodborstjes, een boomkruiper, boomklevers en een hele groep koolmeesjes. Maar toen ik twee ! spechten zag, werd ik weer helemaal overdonderd door mijn eigen enthousiasme. Wat een cadeautjes toch iedere keer weer! Twee spechten! Ze vlogen samen van boom naar boom, en ik had heel erg veel geluk ze eventjes voor de lens te krijgen.

7 - kopie

Op naar het ven, want ik kwam eigenlijk voor vlinders en libellen. Vooral libellen. Vlinders verwachtte ik niet zoveel.

De libellen dachten vast in dezelfde trend als ik: ‘Nu nog even vliegen! Voor de warmte de dag vangt!’ Want er ging er maar zeer sporadisch eentje zitten en slechts voor enkele seconden.

8 - kopie
Viervlek
15 - kopie
Platbuik (man)

Groot dikkopje!

Geconcentreerd bezig met het ‘vangen’ van een libel vloog er plots iets oranjes in beeld.
‘Uh?!’
Ongelooflijk!
Zomaar opeens uit het niets was er een groot dikkopje aan komen vliegen en het parkeerde netjes op een bramenblad vlakbij mij in de buurt.
Geweldig!
O! Geweldig!
Mijn eerste groot dikkopje dit seizoen!

11 - kopie

12 - kopie

13 - kopie

14 - kopie

Het begon al aardig warm te worden en ik besloot niet verder te proberen libellen te fotograferen, maar om te keren richting de auto.
Een blik op de klok van mijn mobieltje leerde dat het pas 10.00 uur was.
10.00 uur en al zo warm!
Terwijl ik mijn mobiel aan het opbergen was, zag ik vanuit mijn ooghoeken iets roods.
Een kleine vuurvlinder?
Niet dat die rood zijn, maar die kunnen vanaf een afstandje wel eens zo ogen.

Nee!
Het was een sint-jacobsvlinder!
Er vlogen er twee!
‘Eén op de foto is genoeg!’, dacht ik, en ik liep die kant op, het vlindertje nauwlettend in de gaten houdend.

17 - kopie

Super tevreden was ik.
Wat een wandeling weer, wat had ik weer veel gezien!
En eigenlijk precies ook van alles wat ik niet verwachtte en waar ik niet aan had gedacht.
Tjonge, het groot dikkopje!
Echt niet verwacht, niet gedacht, niet gehoopt.
Het was er!

Gouden lijfje

Op een open stuk met bramenstruiken langs het wandelpad, maar verder ook veel heide, zag ik opeens nog een prachtlibel vliegen.
Wauw, wat was die mooi!
Hij of zij had een gouden lijfje en lichtblauw in het gezichtje.
Echt waar, zo mooi!

18 - kopie

20 - kopie

Tis toch net goud?
Of niet dan?

Me afvragend wat voor libel die mooierd zou zijn, liep ik verder.
Stuk bos weer in, stuk bos weer uit, richting het smalle pad.
Ik had nog uren kunnen blijven, en het idee dat ik enorm veel gezien had, toen mijn oog viel op een vlaamse gaai.
Nee joh!
Zou dit me dan ook nog gaan lukken?
Zo gaaf!..
Eindelijk ook eens een beetje goede foto van een vlaamse gaai!

23 - kopie

24 - kopie

‘Mijn’ droomweide !

Het was vandaag veel beter weer dan dat ik had verwacht.
Geen enkel wolkje aan de helder blauwe lucht en volop zon.
Wauw, heerlijk!
Ik besloot te gaan fietsen.
Op een andere manier bewegen dan wandelen is super goed voor me, en er stond weinig wind.
Wel zo prettig 😉

Op de fiets, de trappers rond, mijn haren wapperend.
Ik voelde me vrij.
Soms vóel je dat.
Dan streelt de zon je huid, dan doet je lijf wat je wilt, dan wipt het puntje van je neus, en voelt je hoofd héél licht.
Ik voelde me vrij en avontuurlijk, en ik besloot te gaan ontdekken.
Jazeker.. ik ging op ontdekkingsreis!

Vlindercorridor

En dus fietste ik richting Keversbroek, waar ik een vlindercorridor wist, maar waar ik vorig jaar niet bij had gekund.
Het gras stond toen meters hoog en het was er, door de natte maand juni, enorm drassig.
Geen doorkomen aan toen, maar nu vast wel!

Het ging een lichte berg op richting spoor en daar ging ik de bocht om.
In mijn hoofd was ik al honderd meter verder, nog een bocht door, een stukje bos voorbij, richting een strook bomen.. ik wilde dat ‘nieuwe’ terrein ontdekken!
Toch vonden mijn voeten abrupt de rem toen ik iets roods in de berm zag staan.
Een klaproos?
Een klaproos?!
O!! Een klaproos!!!

1 - kopie tw insta fa

3 - kopie tw insta fa

Ik vind die zo mooi!
Het is echt mijn lievelingsbloem.
Die kleur, die vorm, het open gaan bij zonlicht..
Mijn ritje op de fiets was meteen al geslaagd en af.
Ik had gewoon al een klaproos gezien!

Natuurlijk fietste ik na het genieten van het mooie rood wel door.
Honderd meter verder, bocht door, stukje bos voorbij..
Even later was ik op een stukje natuur in Keversbroek waar ik nieuwe dingen zou gaan zien.
En het was meteen raak.
Nog voor de vlindercorridor zag ik ‘m vliegen.
Een landkaartje!

4 - kopie

5 - kopie

De vlindercorridor weet ik te vinden, omdat ik vorig jaar daar in de buurt een vrijwilliger van Natuurmonumenten sprak.
Wat een leuk gesprek was dat!
Hij vertelde wat er allemaal te zien was in het gebied en waar.
En toen hij mijn vlinderfoto’s op mijn toestel zag, verklapte hij me de vlindercorridor. Speciaal aangelegd om de kleine ijsvogelvlinder te behagen!
Zodra ik die er zie, moet ik het ‘m wel zeggen!

21 - kopie
De vlindercorridor: aan beide kanten staan hoge bomen, daartussen bramenstruiken, een slootje, en als het begaanbaar is.. een smal (wandel)pad.

Ik parkeerde mijn fiets, liep de corridor in, en zag meteen nog meer landkaartjes, libellen, boomblauwtjes, witjes, een citroenvlinder, en allemaal gingen ze niet zitten voor een foto.
Maar dat kon me helemaal niet schelen!
Jeetje! Wat was dit genieten!
Wat was het er warm zo uit de wind, wat klonken er ontzettend veel vogelgeluiden in de bomen langs de corridor, wat was het heerlijk glinsterende zilveren vleugeltjes te zien, en de vlinders te zien fladderen!
Het was eigenlijk onbeschrijflijk mooi om dat allemaal zo te zien en al net zo onbeschrijflijk hoe dat het voelde.

‘Mijn’ droomweide

Wat ik toen nog niet wist, was dat het nóg mooier zou worden.
De corridor kwam uit op een weide met een prachtige waterpoel.
Ik wist niet wat ik zag.
De poel lag te schitteren in de zon en was omgeven door groen gras met heel veel pinksterbloemen, zoveel boterbloemen, en nog meer uitgebloeide pluizige paardenbloemen.
Ik liep er doorheen en genoot.
Allemaal vlindertjes.
Allemaal vlindertjes en ik kon niet kiezen welke ik zou fotograferen.
Ik heb een hele tijd helemaal niets gefotografeerd.
Ik heb een hele tijd genoten van het weidse op die plek.
Van de kleuren, de geuren, het alleen zijn, hier.
Het vrij voelen, de zon voelen, kijken en ruiken, en nog eens kijken.

Ik zag heel veel witjes, heel veel landkaartjes, ik zag vuurvlindertjes, boomblauwtjes,.. en nog veel meer… en nee.. ik heb dat alles niet allemaal op de foto gezet.
Ik heb vooral genoten.

6 - kopie

8 - kopie

14 - kopie

Na een tijdje,.. ik weet niet hoe lang,… liep ik weer terug de vlindercorridor in.
Vol energie, vol vreugde.
Aan het eind keek ik omhoog, geen idee waarom, en zag ik hoe mooi blauw de lucht was, maar ook twee bomen waarvan ik dacht: ‘Die móeten op de foto. Wat een pracht!’

18 - kopie tw

19 - kopie tw

Ik stapte weer op mijn fiets en wil eigenlijk ook even laten zien wat ik dan zie.
Deze middag besefte ik namelijk weer eens te meer hoe mooi ik eigenlijk woon.
Hoe dichtbij het eigenlijk zo ontzettend genieten is.
Het is allemaal nog geen 10 minuutjes van mijn huis.

27 - kopie

28 - kopie
Sprokkelhout voor hagedissen.

36 - kopie

Zo nu en dan stap ik af en kijk ik goed om mij heen.
Ver weg en dichterbij.
Dichtbij zag ik vanmiddag nog een kevertje klauteren in een grasspriet.
Ik voelde mijzelf een reus :-))
Ik zag ook nog hooibeestjes, een dwerghuismoeder en een mi-vlinder.

35 - kopie - kopie tw

37 - kopie tw dwerghuismoeder

40 - kopie Mi-vlinder tw

Die Mi-vlinder wilde niet anders op de foto dan zo.
Alles in het zicht! 😉
Hoe ik ook om hem heen probeerde te lopen, hij draaide zich telkens weer om!

Op het laatste stukje fietsen naar huis, staat deze boom.
Die wil ik, nu ik toch bezig ben, ook nog even laten zien.
Ieder seizoen staat hij te stralen, alleen en supersterk.
In de herfst, de winter, de lente, en straks ook weer in de zomer.
Ik kijk er altijd even naar.. mijn ‘droomboom’.

42 - kopie

‘Op naar de vlinders in de wind!’

Het waaide echt heel hard, die dag.
30 april, meivakantie.
Ik vind trouwens, dat dat niet moet kunnen.
Meivakantie in april.
Maar dat terzijde.

Het waaide echt heel hard, en de zon scheen.
En hoe!
Het moest wel een goede vlinderdag worden, maar jeetje.. zouden diezelfde vlindertjes niet van hun bloempjes af wiebelen, of mij in sneltreinvaart voorbij waaien, in plaats van dat ik ze mooi zou kunnen fotograferen?

Eigenlijk kon het me niet schelen.
Eigenlijk wilde ik heel, heel graag veel verschillende vlinders zien, en eigenlijk keek ik heel erg uit naar het eerste juffertje in het veld.
Het enthousiasme dat ik voel bij zulke gedachten… het verbaast me nog steeds.
Het kriebelt en het blijft kriebelen, tot.
Maar het automatisme waarmee ik beren op mijn weg bedenk, dat is er ook.
Ook verbazingwekkend, maar dan op een andere manier.

Het mooie aan een passie hebben, is dat het overwint.
Het overwint altijd en natúúrlijk ging ik!
Op naar de vlinders in de wind!

Oranjetipje

10 - kopie tw insta

Als eerste zag ik een oranjetipje.
Wat zijn ze mooi!
Iedere keer opnieuw als ik ze zie dan kan ik niet anders dan ze echt heel mooi vinden.
Toen ik opeens ook een vrouwtje zag en ze samen in de wind om elkaar heen zag cirkelen, maakte ik in gedachten een superdansje.
(Ik moest ze natuurlijk wel in de gaten houden)
Zo gaaf om te zien!
Toen ze samen richting het gras gingen en ik daar de kans kreeg foto’s te maken.. wauw!

13 - kopie tw

Terwijl ik verder liep zag ik ook een smaragdlibel.
‘O! Die zijn er ook al! Het was er maar eentje, maar o! misschien kom ik dan ook wel juffertjes tegen! De vuurjuffer, die vliegt al! Dat moet lukken!’

Citroenvlinder en ’t groentje

Ik zag een citroenvlinder wapperen aan een dagkoekoeksbloem.
Dat is moeilijk foto’s maken hoor!
En toch vind ik dat het best gelukt is.

20 - kopie tw

21 - kopie tw

Helemaal moeilijk was dit kleine groentje in de wind.
Maar toen kon het me al helemaal zeker niet meer schelen of de foto’s wel of niet zouden lukken.
’t Groentje!
’t Groentje op een plant met prachtig paarse bloempjes!
Het zag er schitterend uit! Het was smullen. Het was helemaal waar ik telkens opnieuw zo ontzettend enthousiast van wordt.
Wát een verrassing!

26 - kopie tw

Ik kwam later nóg een groentje tegen!
Verder zag ik ook een hooibeestje, een gehakkelde aurelia, een boomblauwtje en een landkaartje (voorjaarsgeneratie).

27 - kopie tw

30 - kopie tw

33 - kopie tw

34 - kopie tw

38 - kopie tw

37 - kopie tw

Het was heel erg genieten.
In de zon, in de wind, en zoveel zien.
Geweldig.
En het was nog niet ‘op’.
Op het laatste stukje pad voor ik weer bij de auto uitkwam, zag ik een vuurjuffer.
Precies wat ik hoopte!
Ik hoopte er eentje te zien en voilà.. daar laag bij de grond in de luwte.. mijn eerste vuurjuffer dit seizoen!

39 - kopie tw

40 - kopie tw